Albert Dias d’Ullois startte een tijdje geleden in de BHV trendwatching groep op een LinkedIN een discussie over BHV en schijnveiligheid. Daar kwamen veel reacties op, evenals de roep om een bijeenkomst met dit thema te organiseren. Albert riep mijn hulp in om dit van de grond te krijgen en dat is gelukt. Afgelopen vrijdag 1 mei heeft deze bijeenkomst plaatsgevonden  op de locatie van AAS veiligheid met het doel om met elkaar te kijken naar schijnveiligheid en de mogelijke oplossingen.

Workshop

Veiligheid is een onderwerp waar de deelnemers samen met veel enthousiasme over kunnen praten. Om de bijeenkomst in goede banen te leiden hebben we de deelnemers verdeeld over twee groepen en door middel van een kleine workshop mochten ze samen kijken naar een onderwerp waarbij de volgende punten aan de orde kwamen :

  • Hoe werkt het nu (niet)?
  • Wat kan er anders?
  • Wat zou de eerste stap voor deze verandering (kunnen) zijn

Schijnveiligheid van BHV

  • BHV is meer dan opleiden
    Bij het organiseren van bedrijfshulpverlening ligt de nadruk vooral op het opleiden van bedrijfshulpverleners. Het is een misverstand dat de BHV binnen een organisatie daarmee geregeld is.
  • Onduidelijke regelgeving
    Brandveiligheid en bedrijfshulpverlening wordt aangestuurd vanuit verschillende wetten (arbowet, bouwbesluit) en zorgt daarmee voor onduidelijkheid.
  • Maatschappelijke ontwikkeling
    De maatschappij verandert in een rap tempo waarbij de manier van het organiseren van veiligheid achterblijft met het meegroeien. Voor het organiseren van BHV in een verzamelgebouw of in een bedrijf waar veel met flexwerkers wordt gewerkt zijn haast geen hulpmiddelen te vinden.

Schijnveiligheid van de RIE

  • De ene RIE is de andere niet
    Het hebben van een RIE is dan wel verplicht, toch heeft lang niet elk bedrijf er een. Laat staan actueel exemplaar. Daarnaast wordt met name een RIE gericht op arbo (werkplek en arbeidsomstandigheden) opgesteld en wordt het onderdeel brandveiligheid te weinig belicht.
  • Verleggen van verantwoordelijkheid?
    Sinds de brand bij Rivierduinen hebben leden van een Raad van Bestuur (van mn. Zorginstellingen) gezien dat zij verantwoordelijkheid dragen voor de veiligheid binnen de organisatie. Daarnaast stelt steeds vaker de OR de RvB de vraag of er een (actuele) RIE beschikbaar. Als dat niet het geval blijkt te zijn, is men vaak bereid om een paar duizend euro te besteden aan een RIE en denkt men dat dit van het actielijst gestreept kan worden. Maar niets is minder waar: pas na het opstellen van een plan van aanpak begint de uitvoerende fase van RIE pas. Helaas verdwijnt het PvA onderin de lade en worden geconstateerde gebreken niet of te laat opgepakt.
  • Preventiemedewerker
    Een ander aspect van schijnveiligheid is de rol van de preventiemedewerker. Dit (b)lijkt een taak te zijn die iemand met tegenzin toegespeeld krijg. De preventiemedewerker moet er voor zorgen dat de aandachts- en actiepunten uit de RIE worden uitgevoerd. Dit vraagt een kritische houding en dat wordt lang niet altijd gewaardeerd.
  • Goed voorbeeld doet goed volgen
    Het lijkt dat maar weinig leidinggevenden of directieleden zich bewust zijn van de invloed die zij hebben in de uitoefening van hun functie op het gebied van veiligheid. Er ontstaat pas veiligheidsbewustzijn wanneer dit top-down wordt benaderd. Dit is de basis een om een veiligheidscultuur te vormen.

Bovenstaande is slechts een verkorte versie van het uitgebreidere verslag dat hieronder te downloaden is.

Download

Welke schijnveilige maatregelen zie jij en welke oplossingen zie jij er voor?