Het geeft een gerust gevoel wanneer je auto weer door de APK is. Een noodzakelijk en ja, soms ook een kostbaar kwaad. Aan de andere kant, wel zo prettig als je weet dat een professional jouw auto weer gecontroleerd heeft en ‘goed’ heeft verklaard, niet waar? Dat geldt ook voor brandblussers. Als je er een nodig hebt, dan verwacht je dat die het doet. Om zeker te zijn dat brandblussers goed onderhouden worden, is het van belang dat de inspectie en het onderhoud verricht wordt door professionals.
Een vakkundig bedrijf voert inspectie en onderhoud uit volgens de instructies zoals deze vastgelegd zijn in de NEN 2559 voor kleine blustoestellen en de NEN-EN-671-3 voor brandhaspels. In NEN 2559 is een maximale levensduur van 20 jaar vastgelegd voor de kleine blustoestellen. Gedurende die 20 jaar zijn er verschillende onderhouds- en revisiemomenten vastgelegd. Laat ik je in het kort even meenemen wat er vastgelegd is. Net als een auto ondergaat een brandblusser een “kleine beurt” en een “grote beurt” om ervoor te zorgen dat hij goed blijft werken. In tegenstelling tot een auto, wordt een brandblusser na 10 jaar volledig gedemonteerd, wordt de vulling vervangen, en worden indien nodig onderdelen zoals een slang of spuitmond vervangen.
Tijdens een jaarlijkse inspectie wordt een brandblusser gecontroleerd op diverse vaste punten volgens de NEN-normering. Van een visuele inspectie van het blustoestel op beschadigingen tot controle van gewicht bij CO2 blussers en het aanbrengen van keuringsstickers. Na 5 en 15 jaar vindt de “grote beurt” plaats waarbij de jaarlijkse inspectie uitgebreider toegepast wordt. De inspecties worden vastgelegd in een logboek zodat inzichtelijk is dat er daadwerkelijk onderhoud verricht wordt.
Tussen twee inspecties in kan er veel gebeuren. Brandblussers horen aanwezig te zijn op plekken waar iedereen makkelijk bij kan. Zelf tussentijds kritisch kijken naar de aanwezige blustoestellen kan dus zeker geen kwaad. Is de verzegeling nog in orde? Is een blustoestel aanwezig op de daarvoor bestemde plaats? Dat lijkt heel logisch, maar toch kijk je raar op wanneer je misgrijpt omdat iemand er in een quasi lollige bui vandoor is gegaan met de brandblusser. Is de toegang naar het blusmiddel vrij of heeft iemand ineens bedacht dat het een prima plek is voor de voorraad van het kopieerpapier?
Brandblussers ouder dan 20 jaar moeten worden vervangen. En er zijn nog andere criteria voor de vervanging van een blustoestel, zoals wanneer ze zijn gevuld met chemisch gevormd schuim of wanneer er geen originele onderdelen meer beschikbaar zijn. Als een onderhoudsbedrijf een blustoestel afkeurt, legt men dit schriftelijk vast.
Kortom: een lange levensduur van je blustoestel valt of staat met het juiste onderhoud
Aanleiding voor dit artikel is dat ik bij een opdrachtgever een situatie had waar de onderhoudsmonteur wel erg snel klaar was met het onderhoud. Er waren meerdere dagen ingepland en de beste man was ruim op tijd klaar. Dat vond ik gek want waarom zou er anders zo ruim gepland zijn? Een ronde door het pand leerde mij dat lang niet alle blusmiddelen voorzien waren van een nieuwe sticker. Dan kun je denken, ‘kan gebeuren, nieuwe sticker en klaar‘. Maar dat vind ik bij zorgvuldig onderhoud horen.
Daarnaast vroeg ik hem wat het onderhoud precies inhield. Hij vertelde wat hij deed en dat hij al lang op de locatie kwam en daardoor wist welke haspels en blussers extra risico liepen en welke niet. Hierdoor kon hij steekproefsgewijs onderhoud uitvoeren. Dit klonk mij erg onaannemelijk in de oren. Dus kocht ik de NEN-normen zoals hierboven benoemd. En ja, dat kost een kleine duit. Daarnaast bestudeerde ik de normen (kostte ook veel tijd) en zag dat de minimale eisen erg duidelijk waren. Alle blusmiddelen. Niets over een steekproef.
Mijn opdrachtgevers waarderen het dat ik kritisch op kosten ben. En in dit geval was er ook geen offerte ontvangen waarin een speciaal ‘steekproeftarief’ voor brandblussers en haspels was aangegeven. In tegendeel. Een lang verhaal, kort: ik heb dit besproken met zowel de monteur als het onderhoudsbedrijf. Blijkbaar had ik het verkeerd begrepen. Het was een misverstand. Ik heb mijn opdrachtgever hierover geïnformeerd en die nodigde de desbetreffende monteur en zijn leidinggevende uit. Het resultaat: hercontrole en onderhoud van alle middelen door een andere monteur.
Als jij als hoofd of coördinator bhv kun je niet ‘alles’ over veiligheid weten, is gewoon onmogelijk. Maar als je iets hoort waarbij je twijfels krijgt, wil ik tegen je zeggen: ga het uitzoeken. Koop die NEN-norm waar naar verwezen wordt. Google. Bel met collega’s. Dit had mijn opdrachtgever in geval van nood, heel nog vervelendere situatie kunnen opleveren waarvan de gevolgen mogelijk niet te overzien waren.
Heb jij behoefte aan onafhankelijk advies of hulp bij een bepaald vraagstuk? Neem contact met mij op.
Als ik het zelf niet ken of kan, dan ken ik vast wel iemand anders die dat wel kan of kent. :-)


